Categorie archief: Uncategorized

Uit het oog maar niet uit het hart

Remco Reiding over het levend houden van herinneringen

Geroerd luisterden de bezoekers van de 19e Preek van de Leek op zondag 5 maart naar het persoonlijke verhaal van onderzoeksjournalist Remco Reiding. Wat maakte dat hij op zoek ging naar de familieleden van Sovjet soldaten die in de tweede wereldoorlog in Amersfoort waren gesneuveld? Waar raakte zijn zoektocht zijn eigen geschiedenis en waarom is het levend houden van herinneringen niet alleen voor hem, maar voor ons allemaal, zo belangrijk? Met het zingen van Freek de Jonge’s ‘Er is leven na de dood’ kreeg de preek een extra betekenis èn een vrolijk slot.

De tekst van de preek van Remco Reiding vindt u hier: Preek van de Leek Remco Reiding

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Van de Xaveriuskerk naar de Miles

Bas Bons presenteert nieuwe cd

 

Hebt u tijdens de preek van Friederike Weisner ook zo genoten van de muziek en zang van Bas Bons?

Zijn nieuwe cd, waarop ook de nummers staan die hij tijdens de preek zong, wordt op 5 maart gepresenteerd. U bent van harte uitgenodigd om daarbij aanwezig te zijn.

De presentatie is niet zoals wij aankondigden in Rox Life aan de Windsteeg, maar in Café Miles op de Hof. U bent daar vanaf 20.15 uur welkom. De feestelijke bijeenkomst, die gratis toegankelijk is, begint om 20.30 uur.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

PREEK VAN FRIEDERIKE WEISNER

PREEK VAN DE LEEK
OVER BEELD-DRAGERS EN GOUDEN KALVEREN,
FRIEDERIKE WEISNER,directeur Theater De Lieve Vrouw,Amersfoort
12 februari 2017
Amersfoort

KYRIE
Wij leven in een bijzondere tijd: nog nooit was de wereld zo verbonden met elkaar, nog niet eerder waren we in staat om contact met de meest uiteenlopende culturen en mensen te leggen. Nog nooit was er zoveel kennis beschikbaar en nog niet eerder was er zoveel technologie die ons verder kan helpen en nog ongekende mogelijkheden biedt.
Maar tegelijkertijd is dit een tijd waarin we ook de weg volledig kwijt zijn. Al die kennis en technologie leidt steeds minder tot goede en juiste keuzes.

Onvoorstelbaar groot leed en onmenselijkheid komen dagelijks tot ons. En het is niet alleen ver weg. Ongelijkheid, uitsluiting, desinformatie, haat – het gebeurt ook hier. Naast woorden spelen beelden daarbij een steeds belangrijkere rol, razen dag in dag uit langs ons en door ons heen.

We zijn allemaal beeld- dragers: terwijl wij opgroeien vormt zich onze kijk op de wereld, wij dragen beelden in ons, die door opvoeding, omgeving, ervaringen maar bijvoorbeeld ook de media zijn gecreëerd. In de huidige beeld- en mediacultuur zijn we bijna gedwongen snelle interpretaties te maken, beelden die langs komen voor waar aan te nemen. We werken aan een visueel imago, het imago wordt waarheid, commerciële beeldvorming verdringt andere betekenissen. We reageren bewust én vooral onbewust op alle beelden, we worden beeld-eters.

Maar kunnen we nog verteren? Kunnen we alle indrukken nog beschouwen of laten bezinken? Vragen we ons voldoende af of wat we zien waar is, naar wie we eigenlijk, kijken of worden we verblindt?

 

BIJBELTEKST
Oude Testament, Het tweede boek van Moses genaamd Exodus, hoofdstuk 32: vers 1-10 en 15-20

Het volk vereert een stier

1 De Israëlieten wachtten tot Mozes terug zou komen van de berg Sinai. Maar het duurde erg lang. Toen gingen ze naar Aäron, en zeiden: ‘Mozes is de man die ons uit Egypte weggehaald heeft. Maar we weten niet wat er met hem gebeurd is. Maak daarom een god voor ons! Dan kan die ons door de woestijn leiden.’ 2 Aäron zei: ‘Dat is goed. Geef me dan eerst alle gouden sieraden van jullie vrouwen, zonen en dochters.’ 3 Meteen deden alle Israëlieten hun gouden sieraden af en gaven die aan Aäron. 4 Aäron liet de sieraden smelten, en van het goud maakte hij een beeld van een stier. De Israëlieten riepen: ‘Dit is onze god. Hij heeft ons weggehaald uit Egypte!’ 5 Toen Aäron dat hoorde, bouwde hij een altaar voor het beeld. Hij zei: ‘Morgen is er een feest voor de Heer.’ 6 De volgende ochtend stond iedereen vroeg op. Ze brachten offers aan het beeld, en daarna gingen ze zitten eten en drinken. Het werd een vrolijk feest.

De Heer is kwaad op de Israëlieten

7 De Heer zei tegen Mozes: ‘Ga terug, de berg af. Want dat volk van jou, dat je uit Egypte gehaald hebt, gedraagt zich heel slecht. 8 Ze doen nu al niet meer wat ik gezegd heb. Ze hebben een stierenbeeld gemaakt. Ze hebben voor het beeld geknield en ze hebben er offers aan gebracht. Ze zeiden: ‘Dit is onze god. Hij heeft ons weggehaald uit Egypte!’ 9 Ik ken dit volk, Mozes! Ik weet hoe ongehoorzaam de Israëlieten zijn. 10 Ik ben woedend op hen. Ik zal hen allemaal vernietigen, het hele volk. En probeer me niet tegen te houden! Maar van jou zal ik een groot volk maken.’

15 Mozes draaide zich om en ging de berg af. Hij had de twee stenen platen met de wet in zijn handen. Er was aan twee kanten op geschreven, aan de voorkant en aan de achterkant. 16 God had de platen gemaakt, en God had er zelf op geschreven. 17 Jozua, die bij Mozes was, hoorde het lawaai van de Israëlieten. Hij zei: ‘Ik hoor geschreeuw in het kamp. Het lijkt wel of er oorlog is.’ 18 Mozes zei: ‘Het klinkt niet als juichen omdat ze gewonnen hebben. En ook niet als klagen omdat ze verloren hebben. Ze zijn hard aan het zingen, dat hoor ik.’ 19 Toen Mozes dichter bij het kamp was, zag hij het stierenbeeld. En hij zag de Israëlieten dansen. Hij werd woedend, en onder aan de berg gooide hij de stenen platen kapot. 20 Daarna verbrandde hij het stierenbeeld. De resten sloeg hij kapot, en de as strooide hij op het water. Dat water moesten de Israëlieten drinken.

PREEK
Als ik dit verhaal kies, dan denken sommigen van u wellicht aan het Gouden Kalf, de belangrijkste Nederlandse filmprijs. De relatie met dit Bijbelverhaal dringt zich op, maar dit is niet wat de bedenkers van deze filmprijs primair kozen:
Het filmfestival van Berlijn heeft als prijs een Gouden Beer, het festival van Cannes heeft een Gouden Palm, en Venetië heeft een Gouden Leeuw. Dus heeft Nederland, Utrecht in dit geval, een Gouden: … Kalf!

De filmmaker Wim Verstappen schijnt de bedenker van de naam van deze prijs te zijn, en laat hier natuurlijk een knipoog en humor aan te pas komen. Door de referentie aan het Bijbelse gouden kalf lijkt de titel dan weer waardig en past in het rijtje van de andere festivals. Het is leuk om met beelden en betekenissen te spelen. …

We vereren gouden kalveren. We aanbidden valse goden en hopen op redding.
In deze tekst uit het Oude Testament werd ik vooral door het einde getriggerd. Moses is woedend op de Israëlieten en vernietigt de platen met de teksten van God. Dan verbrandt hij het gouden stierenbeeld. Vervolgens slaat hij de resten ervan kapot en strooit de as en het stof op het water. En dit water moeten de Israëlieten drinken.

Mozes vernietigt dus zowel het woord, de regels van God, als ook het valse beeld van god, het gouden kalf. Wanneer de Israëlieten de as en het stof van het gouden beeld moeten opdrinken, nemen ze zowel hun sieraden als ook het gouden kalf in andere vorm weer tot zich.

Wat gebeurt er met het stof in hun lichamen? Ontstaat er een nieuw, innerlijk beeld? ‘Eat it’, zeggen de Amerikanen, waarmee bedoeld wordt dat je op moet lepelen wat je zelf hebt veroorzaakt.

Het zijn vaak pijnlijke momenten in ons leven waarin we ons realiseren dat wij een gouden kalf achterna zijn gelopen. Des te meer moeten wij op zoek naar het beeld achter het beeld. Dat kan bijvoorbeeld door ontmoetingen in ruimtes waar framing of imago – al is het maar voor even – onderuit wordt gehaald of geen rol speelt. In theaters, musea, filmhuizen, concertzalen, kerken en op andere plekken, waar we geraakt worden en onze maskers kunnen laten vallen.

Ik vind dit noodzakelijk in een wereld die technisch en wetenschappelijk zeer kundig is, maar door politieke, economische en andere machtsbelangen bepaald wordt. Ik vind dit noodzakelijk omdat de wereld die wij als mensen maken, toch vooral van mensen is.

Kunst is het domein waarin wij op ons mens-zijn en de wereld om ons heen kunnen reflecteren. Bijvoorbeeld door satire. Wat heb ik genoten van het filmpje van Arjan Lubach, dat wereldwijd een youtube hit werd, waarin hij Nederland aan Donald Trump voorstelt, in de woorden en met de uitspraken van Trump zelf. De satire onthult nog scherper dan directe kritiek.

De waarde van leren kijken, van anders leren kijken is de kern hiervan.

Ik herinner mij oneindig veel momenten uit mijn jeugd, waarvan ik een paar wil beschrijven.

Beeldende kunst: Overal in het huis waarin ik opgroeide hingen en stonden schilderijen en kunstwerken, onder andere van van bevriende kunstenaars van mijn ouders. Naast mijn bed in mijn kinderkamer hing een abstract schilderij, een lithografie. Wanneer ik niet kon slapen bestuurde ik langdurig dit schilderij. Als ik de gordijnen open deed, kon ik in de verte kijken en vergeleek ik wat ik buiten zag met dit schilderij. Voor mij was dit een boeiend spel.

Boeken en literatuur: Ons huis vol boeken. Behalve in de badkamer waren er zowat overal boeken aanwezig. Je hoefde er maar eentje uit de kast te trekken. En dat deden wij ook.

Muziek: mijn moeder nam me mee naar de Matthäus Passion in het Münster in Freiburg, ik was denk ik niet ouder dan zeven. We zaten hoog boven en mijn zitplaats keek helaas recht uit op een zuil. Ik kon dus nóg de zangers nóg het koor zien. Maar ik werd gegrepen door de zang en de muziek en bleef me maar afvragen wie deze klanken veroorzaakte. Mijn moeder zag in dat ik zo niet de hele avond zou halen en we vertrokken op gegeven moment stilletjes. Maar deze vroege ervaring heeft een onuitwisbare indruk achtergelaten. Wellicht juist omdat ik alleen kon luisteren en niets kon zien.

Het op jonge leeftijd in aanraking komen met verschillende kunstvormen heeft ervoor gezorgd dat kunst voor mij een aanvullende taal werd, die het mogelijk maakt door een andere bril naar de wereld te kijken.

Wat mij op dit moment sterk bezig houdt is het wantrouwen jegens mensen die anders zijn, dat in toenemende mate ontstaat en gevoed wordt.

In een klassiek Duits theaterstuk uit 1804: Familie Schroffenstein, dat ik tijdens mijn studie cultuurwetenschappen literatuurwetenschappelijk ‘tot op het bot’ moest ontleden, ligt diep wantrouwen ten grondslag aan de ultieme tragedie:

De schrijver, Heinrich von Kleist, gebruikt in dit toneelwerk het Romeo en Julia- motief. Romeo en Julia in het kort: uitzichtloze liefde door elkaar vijandig gezinde families, tragisch eindigend met de dood van de beiden geliefden.

Kleist gebruikt dit motief van deze onmogelijke liefde, maar drijft het wantrouwen tussen de twee families op de spits. De concrete aanleiding is de dood van de jongste zoon van een van de families, die verkeerd als moord geduid wordt. De familie wil wraak nemen. Maar de oudste zoon en de oudste dochter houden van elkaar. Zij willen de families verzoenen en bloedvergieten voorkomen. En dat wil ook een oom, die ontdekt heeft dat het zoontje juist tijdens het spelen is verdronken.

Er ontstaat een race om de tijd. Agnes en Otto, die elkaar in het geheim in een grot in de bergen ontmoeten, besluiten hun kleding te wisselen om Agnes voor Otto’s vader te beschermen, die op weg is om zijn zoontje te wreken. Maar beiden lopen hun eigen vaders in de armen: Otto, verkleed als Agnes, wordt door zijn eigen vader niet herkend en neergestoken. Agnes door haar eigen vader, die denkt dat de persoon die zich over zijn vermoorde ‘dochter’ buigt, de moordenaar is. Pas boven de lichamen van hun dode kinderen ontstaat er bittere verzoening tussen de vaders.

Kleist laat de vader van Agnes in dit stuk het volgende overdenken (mijn eigen vertaling):
Het wantrouwen is de zwarte zucht van de ziel.
En alles, ook hetgeen zonder schuld, wat rein is
Trekt dan voor het zieke oog het kostuum van de hel aan.
Het nietszeggende, het gewone, alledaagse,
Wordt dan behendig uit losse draden tot een beeld geknoopt,
Dat ons als een vreselijke gestalte laat schrikken.

Wat kan Kunst hiermee, behalve dit op deze prachtig indringende wijze verwoorden?
Thije Adams schreef in 2012 zijn pleidooi ‘Kunst moet, ook in tijden van cholera’.
Hij stelt hierin dat kunst de weg kan wijzen naar een andere, en mogelijk betere, wereld. Kunst kan de manier waarop de werkelijkheid kan worden waargenomen verrijken. Waarnemen is daarbij niet iets passiefs maar een activiteit, iets wat je bewust doet. Wij vormen zelf onze beelden.
Dit betekent natuurlijk ook dat waarneming geoefend en verbeterd kan worden door kunst.

Voor Adams is kunst net zo belangrijk als religie en wetenschap. Deze drie gebieden representeren drie verschillende brillen waardoor wij de werkelijkheid ontwerpen en vormen. Religie brengt onder woorden hoe het gesteld is met de mens en de wereld, en hoe wij ons in het licht daarvan dienen te gedragen. Wetenschap wil weten hoe de wereld feitelijk is en zoekt naar wetmatigheden waarmee de fenomenen in deze wereld verklaard en voorspeld kunnen worden. Kunst, tenslotte, gaat over hoe de wereld zich aan ons voordoet en hoe wij daar uitdrukking aan kunnen geven. Maar daar waar wetenschap naar één enkel antwoord op zoek gaat, zoekt kunst juist de breedte, en daar waar wetenschap naar bewijzen zoekt, is kunst op zoek naar betekenis en overtuigingskracht. Om op andere manieren naar de werkelijkheid te kijken en op deze manier de waarneming te scherpen.

Ik ben een beeld- drager. Mijn geboorteplaats, midden in Europa, landen die ik later heb bereisd, ontmoetingen, ervaringen en kunst hebben mijn beeld van de wereld gevormd. Ik voel mij rijk door verschillende ontmoetingen met verschillende en bijzondere mensen. En angst voor het vreemde heeft tot nu toe niet op kunnen komen omdat verwondering en nieuwsgierigheid de boventoon voeren.

Mensen die ik heb ontmoet, mijn ouders, docenten, kunstenaars, acteurs, regisseurs, collega’ s en vrienden, mijn familie en inmiddels ook mijn kinderen zijn mijn beeldouders, mijn cultuurouders. Ik heb de beelden en ervaringen allemaal opgegeten, tot me genomen zoals het stof uit het verhaal van het gouden kalf. En neem het overal mee naartoe.

Kunst is voor mij een aansporing tot anders waarnemen en denken.
Kunst haalt mij uit de vooringenomen werkelijkheid.
Ze is geen bevestiging van een bepaalde stand van zaken, maar juist het bevragen ervan. Ze leert ons zaken niet als vanzelfsprekend aan te nemen, maar alternatieven te overwegen.
Ze opent onverwacht ons hart, en dwingt ons anders te kijken.
Op deze manier oefent kunst ons in het omgaan met verandering, met andersheid, met het onbekende. Naar mijn idee zijn dit oefeningen die we juist in deze tijd hard nodig hebben:
Het is belangrijk dat wij geschoold worden in anders waarnemen.
Dat wij leren onze eigen innerlijke gouden kalveren te herkennen.
Het is belangrijk dat onze kinderen leren kijken en onderscheid leren maken tussen dat wat een beeld beoogt en dat wat het ís.

Dat zij met deze andere manier van waarnemen bekend raken, met het creëren van andere betekenissen vertrouwd raken en dit als een belangrijke waarde ervaren.
Het is belangrijk dat wij af en toe ons scherm oppoetsen, onze bril afzetten en op zoek gaan naar de andere betekenis achter een beeld, een gedachte of een emotie.

 

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Over beelddragers en gouden kalveren.

Directeur theater De Lieve Vrouw in 17e Preek van de Leek

Friederike Weisner, directeur van theater De Lieve Vrouw, beklimt op zondag 12 februari de kansel van de St.Franciscus Xaveriukerk. Zij is de zeventiende lekenpreker die in de Amersfoortse Preek van de Leek op een persoonlijke manier invulling geeft aan de oeroude kerkelijke liturgie. Friederike verhaalt over de belangrijke rol die kunst, in al haar verschijningsvormen, in haar leven heeft gespeeld èn over de rol die het juist in deze bewogen tijden zou moeten hebben.

friederike-608

Het theater is mijn kerk
Opgegroeid in een katholieke streek in het uiterste Zuid-Westen van Duitsland, bij de Franse en Zwitserse grens, dichtbij Italië, kreeg Friedrike een aantal belangrijke waarden mee die haar leven tot nu toe zowel beroepsmatig als privé kleuren: Europeaan zijn, de waarde van ontmoetingen met mensen van over de hele wereld en de belangrijke rol die wetenschap en kunst spelen bij het zoeken naar antwoorden op datgene wat er om ons heen gebeurt. De kerk speelde niet een grote rol in haar leven, maar, zegt ze hierover: “Mijn kerken zijn vanaf mijn vroegste jeugd de theaters, galerieën, musea, filmhuizen en concertzalen. De betekenis die de makers scheppen voor de kijkers, voor de wereld, fascineren me en raken mij iedere keer weer.” Tijdens haar Preek van de Leek deelt Friederike met haar toehoorders iets van de emotie die verschillende kunstvormen kunnen oproepen.

Gouden Kalf
De kapstok voor de preek van Friedrike Weisner is het Bijbelverhaal over de aanbidding van het gouden kalf: de betekenis van het beeld. Beelden bepalen in toenemende mate onze blik op de wereld. Beeldvorming, niet altijd even genuanceerd, ligt op de loer. “Wij zijn beelddragers” zegt ze hierover. “De beelden die we krijgen voorgeschoteld moeten worden geanalyseerd, geduid, soms zelfs kapot gemaakt om er een ander, misschien wat genuanceerder beeld van te maken.” De Amersfoortse singer-songwriter Bas Bons, onder meer bekend van zijn optreden in ‘De beste singer-songwriter van Nederland’ geeft met zijn muziek een extra dimensie aan de woorden uit de preek. Muziek van Melanie, Philip Glass en beelden van de spraakmakende tentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Jordan Wolfson maken het tot een preek die nog lang zal nagalmen.


Over de lekenpreker
Friederike Weisner is sinds 2016 directeur van het Amersfoortse theater De Lieve Vrouw. Daarvoor was ze directeur van Filmtheater ’t Hoogt in Utrecht en werkte ze in verschillende functies bij het technologiemuseum NEMO in Amsterdam. Weisner studeerde cultuurwetenschappen, bedrijfskunde en volgde een opleiding tot theaterdocent.

Een eigentijdse kijk
Voor de Preek van de Leek worden meer of minder bekende Amersfoorters uitgedaagd om de kansel te beklimmen. Niet om een lezing te houden, maar om voor één keer de beproefde vorm van een kerkdienst te volgen en daar zowel met tekst als muziek een eigen invulling aan te geven. Lekenprekers verbinden belangrijke maatschappelijke of individuele thema’s met een Bijbelverhaal.

De Preek van de Leek wordt gehouden in de St. Franciscus Xaveriuskerk aan ’t Zand 32 is vrij toegankelijk en begint om 16.00 uur. Tijdens de dienst wordt er gecollecteerd voor het in stand houden van dit Amersfoortse initiatief, dat bezig is met een vijfde seizoen. Na afloop, rond een uur of vijf, is er gelegenheid om met een drankje nog wat na te praten.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Preek Planning!

Beste belangstellende,

In dit (nog een beetje) kersverse nieuwe jaar hebben wij weer drie gloedvolle lekenpreken voor u geprogrammeerd. Alvast voor in uw agenda:

Op 12 februari beklimt Friederike Weisner, directeur van Theater de Lieve Vrouw, de kansel; Remco Reiding de Amersfoortse onderzoeksjournalist die er in slaagde om nabestaanden van gesneuvelde Sovjetsoldaten die op Rusthof begraven liggen op te sporen, doet dat op 5 maart. Rapper Jiggy Djé (de Leusdense Vincent Patty) eigenaar van het platenlabel Noahs’s Ark en winnaar van de Grote Prijs van Nederland in 2006 sluit op 2 april de serie af.
Over de preek van Friederike Weisner ontvangt u binnenkort een uitgebreide nieuwsbrief. Meer informatie vind u ook op de website www.pvdl033.wordpress.com. Hier kunt u ook de preken uit de vorige seizoenen nog eens terug lezen.

Met vriendelijke groet,
namens de organisatie,

Ruth Gorissen

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Preek Nynke Geertsma teruglezen?

Op zondag 30 oktober beklom stadsdichter Nynke Geertsma de kansel. Met alweer een zeventiende preek opende Nynke voor een volle kerk ons jubileumseizoen.nynke-2

‘De kracht en de pracht van het woord’ was het centrale thema. Pracht, omdat woorden zoveel moois kunnen brengen. En kracht, omdat ze enorm veel schade aan kunnen richten. Tussen het (s)preken door droeg Nynke een aantal bij het thema passende gedichten voor. Begeleid door de leden van haar band Dutch Treat, Peter Smit (gitaar) en Jeroen de Valk (contrabas), zong ze prachtige nummers van Huub van der Lubbe en Herman van Veen.

De preek van Nynke kunt u hieronder nalezen.

nynke-1De volgende preken

Op 12 februari 2017 preekt Friederike Weisner, directeur van theater de Lieve Vrouw. Op 5 maart beklimt onderzoeksjournalist Remco Reiding de kansel en op 2 april sluit rapper

Jiggy Djé (de Leusdense Vincent Patty) de serie af.

De aangekondigde preek van Bülent Yokus op 27 november komt tot onze grote spijt te vervallen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Preek van de Leek, 30 oktober 2016, Nynke Geertsma

De kracht en de pracht van het woord


“Ik dicht bij jou, en jij bij mij
en samen, samen dichten wij

de loze leegten, gapende gaten,
lacunes, leemtes en hiaten
in elke taal die ons vervoert
naar prikkelender zinnen
en mooiere (w)oorden
om verbaal te beminnen

van river deep tot mountain high
ben ik dichter bij jou, en jij bij mij.”

muziek: ‘Tot je mijn liefde voelt’, gezongen door Nynke en begeleid door Peter Smit (gitaar) en Jeroen de Valk (contrabas)

Bemoediging en groet
Allemaal van harte welkom. Ik vind het heel bijzonder om hier te staan vandaag, op deze plek. Toen mij gevraagd werd of ik deze eerste Preek van de Leek van dit vijfde seizoen wilde gaan doen, moest ik wel even diep nadenken. Zou dit wel iets voor mij zijn? Ik word wel es gevraagd voor een presentatieklusje, maar dat soort dingen hou ik eigenlijk altijd af. Ik vind mijzelf niet zo’n prater of preker of spreker. Maar op de een of andere manier werd ik toch enthousiast voor het concept van Preek van de Leek. En stiekem was ik ook wel een beetje nieuwsgierig: hoe zou het zijn om een keer op dit podium te staan? Ik heb inmiddels vele podia beklommen, als zangeres en als dichter, maar nog nooit in zo’n grote, indrukwekkende en voor mij wel enigszins beladen ruimte.

Begin vorig jaar werd ik gekozen tot stadsdichter van Amersfoort. Dit is een functie die ik tot op heden met heel veel plezier bekleed. Ik schrijf en dicht al vanaf het moment dat ik een pen kon vasthouden. Aan schrijven beleef ik bijna mijn hele leven dus (en dat is inmiddels ruim 46 jaar) al heel veel genoegen.

Naast mijn stadsdichterschap ben ik communicatieadviseur en tekstschrijver, en ook daar kan ik veel creativiteit en energie in kwijt. Communicatie, spelen met taal: het is mijn vak en mijn hobby. En daar mag ik iedere dag mee bezig zijn, betaald en onbetaald. In beide zit in ieder geval het woord taal, gelukkig.
Ik word blij van mooie woorden, mooie zinnen, mooie teksten; het geschreven en gesproken woord. En dat woord, als onderdeel van onze taal, kan prachtig en krachtig zijn, in positieve en negatieve zin.
Driek van Wissen, ooit dichter des Vaderlands zei regelmatig: Taal is het voertuig van de geest, maar onze taal is wel een krakende wagen geworden. Hij doelde daarmee met name op het gebrek aan kennis van de spelling. Maar ik zeg: de wagen kraakt tegenwoordig niet alleen door een gebrekkige spelling, maar vooral ook door gebrek aan respect en fatsoen en stijl. Ik doel niet zozeer op de schrijfstijl, maar op de inhoudelijke kant van het geschreven en gesproken woord. En daar wil ik het vanmiddag over hebben. De pracht en kracht van het woord, in de breedste zin ‘van het woord’.

Kyrie
Het gebruik van woorden, kreten, communicatie: het is zo oud als de mensheid zelf. Want de mens heeft, een enkele uitzondering daar gelaten, nu eenmaal interactie met andere mensen nodig om te kunnen overleven, om te kunnen voortbestaan. Ik weet natuurlijk niet precies hoe het er 400 of 4.000 of 400.000 jaar geleden qua communicatie tussen mensen aan toe ging, want ik was er niet bij. Er is maar beperkt informatie over. Een paar honderd jaar geleden was de mens in ieder geval nog vooral bezig met wat er in zijn directe leefomgeving gebeurde. Er werd weinig gereisd en de communicatie bestond vooral uit mondelinge uitwisseling van praktische termen.

Er werd nog maar zeer beperkt gebruikt gemaakt van papier als informatiedrager. Sterker nog: in de vroege middeleeuwen konden over het algemeen alleen de monniken lezen en schrijven. Je had dan dus ook niet zoveel aan een boek of schrift. Het volk liet zich voorlezen.
Pas in de loop van de 17e en 18e eeuw leerden ook ‘gewone’ mensen lezen en schrijven. En werd hun horizon iets breder.
En nu, nu is het grootste deel van de wereld gealfabetiseerd en niet alleen dat: we zijn dag en nacht elkaar met informatie aan het bestoken via het wereldwijde web dat is geweven tussen ingenieuze satellieten. We zijn hierdoor allemaal met elkaar verbonden via een druk op de knop of muisklik en kunnen over alles met bijna iedereen communiceren. We reizen heel wat af en leren andere culturen en talen kennen. En als we elkaar niet verstaan, schakelen we een vertaalappje of robot in en we weten waar het over gaat. We staan meer met elkaar in contact dan ooit tevoren.
En toch heb ik het idee dat we verder van elkaar verwijderd raken.

We raken beetje bij beetje verder van elkaar verwijderd. De fysieke afstand kan overbrugd worden door slimme communicatietools, we zien elkaar, horen elkaar, lezen elkaar, mailen en appen elkaar, posten en liken er op los bij onze 500 of meer facebookvrienden en op allerlei blogs en nieuwspagina’s, maar ik heb de indruk dat we ondanks alle mooie middelen niet per se ‘dichter bij elkaar’ komen. Regelmatig verworden op social media en op televisie gewone uitwisselingen van woorden tot heuse woordenwisselingen en erger, tot scheldpartijen. Over de komst van vluchtelingen, over zwarte Piet, over de politiek, over andersdenkenden. Kijk alleen al naar de verkiezingen in Amerika: het is werkelijk tenenkrommend wat daar door de presidentskandidaten en hun aanhangers allemaal de wereld wordt ingeslingerd (nou, ja, met name één kandidaat; ik zal geen namen noemen, u weet vast over wie ik het heb).
De onverdraagzaamheid tussen mensen loopt op, de polarisatie neemt toe en het respect neemt af.
Steeds meer mensen leiden dubbellevens: een echt leven, waarin ze zich door de dagelijkse uitdagingen heen worstelen en in stilte eenzaam lijden én een leven op Facebook of Instagram, waar ze honderden ‘vrienden’ hebben met wie ze oppervlakkige teksten en plaatjes uitwisselen waar vanaf druipt: ‘kijk eens hoe leuk mijn leven is!’ En dat allemaal om maar het gevoel te hebben dat ze er toe doen.

En velen leiden een tweede leven op social media, waarin ze onder een schuilnaam de meest verschrikkelijke reacties plaatsen op nieuwsberichten, die aanzetten tot haat, tot pesten, tot discriminatie en tot racisme. Ondertussen tikt de klok door en wordt de mensheid ouder dankzij de medische wetenschap, maar we worden niet per se wijzer… We communiceren ons drie slagen in de rondte, maar ik vraag mij steeds vaker af: Hoe verbonden en betrokken zijn we eigenlijk écht?
Draaien we rond in een vicieuze cirkel? Zitten we in een neerwaartse spiraal? Er is geen pilletje tegen eenzaamheid. En die eenzaamheid ligt op de loer, als we niet oppassen….
Muziek: Cirkels (Windmills of your mind), gezongen door Nynke en begeleid door Peter Smit (gitaar) en Jeroen de Valk.

Gloria
Maar gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel. Er zijn er ook genoeg mensen die de wereld mooier maken met hun woorden en daden, die over hun irritaties en frustraties heen kunnen stappen en spreken en schrijven met respect voor anderen. Die complimenten maken, fouten vergeven, en helende, troostende woorden bieden aan diegenen die ze nodig hebben. Geluk en plezier kan in kleine dingen gevonden worden en een ander met wat begrip en fatsoen tegemoet treden draagt daar naar mijn idee enorm aan bij. Je hebt er vaak niet eens veel woorden voor nodig. Maar je moet de ander wel wíllen zien en begrijpen. Om met Johan Cruijf te spreken: je gaat het pas zien, als je het doorhebt.

Ach, het leven duurt maar even, wat zou het geweldig zijn als we er allemaal van kunnen genieten, elkaar een beetje meer verbaal en non-verbaal sparen en samen een dansje maken, een mooi gedicht of muziekstuk maken of een krachtig, positief statement. Of dat allemaal tegelijk. En misschien moeten we wat meer schwung toevoegen. Wat meer licht en luchtigheid, gezelligheid en vrolijkheid in het leven, in ons gedrag en in onze communicatie. Want u weet toch: it don’t mean a thing, if it aint got that swing.

Muziek: instrumental door Jeroen en Peter: ‘it don’t mean a thing’

Lezing en preek
Ik wil graag een fragment uit Johannes 1 aan u voorlezen:

“In het begin was er het woord.
In het woord was het leven en het leven was het licht voor de mensen.
Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.
Het woord was in de wereld.
De wereld is door dat woord ontstaan.”

Nu kun je dit woord heel religieus opvatten, het verwijst oorspronkelijk naar het scheppingslied uit Genesis 1. Daarin ontstaan de wereld en de kosmos door de kracht van het eerste woord (of eigenlijk is het een zin: er moet licht komen!) Maar net zoals de meeste teksten voor meerdere interpretaties vatbaar zijn, is dit ook anders te ‘vertalen’.
Voor mij is een woord, het woord, niet meer en niet minder dan de drager van communicatie binnen een taal, of tussen verschillende talen. Het woord is verbaal, geschreven of gesproken gereedschap, waarmee we prachtige en krachtige dingen kunnen bewerkstelligen. Of scheppen, zo u wilt, en waarmee we het licht kunnen laten schijnen in de duisternis. Door een woord kan een wereld ontstaan. En welke invulling ú daar aan geeft, dat is aan u.

De bijbel is voor mij als atheïst en humanist geen leidraad om naar te leven, maar ik zie het wel als een mooie verzameling verhalen, die inspirerend kunnen zijn in de kunst, in de muziek en in het dagelijks leven. Veel van ons huidige tradities, gewoontes en spreekwoorden en gezegden vinden hun oorsprong in de bijbel en andere oude al dan niet religieuze geschriften. De kracht van het woord is hierin voor de lezer of toehoorder heel belangrijk: wat staat er geschreven, wat wordt er gezegd, wat wordt ermee bedoeld, is er een achterliggende boodschap? En herken ik mij in wat ik hoor of lees, moet of wil ik er zelf iets mee of leg ik het naast me neer?

Woorden kunnen prachtig zijn, én krachtig. Of allebei. Zoals ik als zei: die kracht kan positief zijn of negatief. Veroordelend, kwetsend, denigrerend…. Maar ook troostend, ontroerend, grappig of leerzaam. Woorden kunnen zoveel lading krijgen, ook los van de feitelijke betekenis. Sommige woorden maken blijvende indruk, we onthouden ze voor altijd: de eerste woordjes van een kind, de laatste woorden van een stervende. De woorden bij een afscheid, de woorden van onze geliefde, een spontaan en welgemeend compliment, een songtekst die maar in ons hoofd blijft hangen… Ik zal u de hele lijst met mogelijkheden besparen. Maar we hebben er allemaal genoeg voorbeelden van.

Vroeger was ik heel verlegen. Op de lagere school schrééf ik meer dan dat ik sprak. Tientallen schriften en dagboeken vol. Zomaar een praatje maken met onbekende kinderen vond ik heel spannend en volwassenen aanspreken durfde ik al helemaal niet. Laat staan dat ik op een podium durfde. Maar gek genoeg deed ik het toch. Ik begrijp nu nóg niet wat me bezielde om als 8-jarige een zelfgemaakt gedicht over een egel zingend voor te dragen voor de hele school. Misschien kwam het doordat ik verstopt zat in een egelpak, dat door mijn moeder was gemaakt van lichtbruin isolatieschuim met een paar honderd satéprikkers erin. Ik was een mooi uitgedoste egel en de voordracht ging geloof ik wel goed. Maar het duurde wel 7 jaar, voor ik weer een podium opging. Ik moest, want ik was een van de winnaars van de dichtwedstrijd DichterbijDichter en mocht als 15-jarige mijn gedicht voordragen voor 800 man publiek in de schouwburg in Leeuwarden. Het was tevens mijn eerste kennismaking met drs. P met wie ik samen op het podium stond. Die man maakte gelijk een enorme indruk op mij. Ik wist nog maar nauwelijks wat metrum, rijmschema’s en light verse betekenden, maar ik voelde toen al wel dat ik me daarin wilde verdiepen en bekwamen. En dat heb ik gedaan in de jaren die volgden.

Ik ging Nederlands en communicatie studeren aan de universiteit van Groningen, en ik werd communicatieadviseur en tekstschrijver.

Allerlei soorten teksten heb ik geschreven, duizenden. Van sinterklaasgedichten in opdracht tot complete jaarverslagen van bedrijven en alles er tussenin: persberichten, folders, brochures, nota’s, beleidsplannen, advertenties, boekjes, handleidingen, mailings, nieuwsbrieven, webteksten, dictees, columns en natuurlijk gedichten, ik schreef heel veel gedichten. Alleen al in de afgelopen anderhalf jaar als stadsdichter meer dan 100. Ik vind het heel leuk om te doen zoals ik al zei, het schrijven van de gedichten, maar ook het voordragen ervan. Al duurt het meestal maar een paar minuten; ik zie en hoor hoe mensen erop reageren en wat het met ze doet. Ik ben ervan overtuigd dat je met geschreven en gesproken taal, ook zonder de non-verbale communicatie erbij (dus zonder een gezichtsuitdrukking of gebaren) heel krachtig een boodschap kunt overbrengen. En daarbij geldt altijd wat mij betreft, zowel in het geschreven als gesproken woord: C’est le ton, qui fait la musique. Het is de toon, die de muziek maakt. Maar die toon kan wel door verschillende mensen verschillend waargenomen of geïnterpreteerd worden. Een simpel woord kan verschillende betekenissen hebben, of krijgen. Ik denk alleen al aan een woord als ja. Afhankelijk van de wijze waarop het wordt uitgesproken of geschreven betekent het verschillende dingen: Ja? Ja! Jaja. En dat zijn dan nog maar 3 versies, er zijn er veel meer.

Als dichter en schrijver is het geweldig om daarmee te spelen. Dan mag je de verbeelding wel een beetje aan het werk te zetten. Dan is het leuk om een woord meerdere betekenissen mee te geven. Of nieuwe woorden te verzinnen. Of woordcombinaties te maken die ongebruikelijk zijn. En dan heb ik het nog niet eens gehad over rijm en metrum… Ik hou ervan en zou er urenlang over kunnen praten (maar dat ga ik hier nu niet doen).

Dichterlijke vrijheid is prachtig. En een gedicht mag prikkelen, mag aanzetten tot denken. Zelf wil ik nooit bewust mensen beledigen of kwetsen met mijn teksten en gedichten. Misschien maakt mij dat een wat ‘bravere’ dichter. Maar verbaal geweld of agressie voegt wat mij betreft weinig toe.

Het shockeert misschien en schudt de boel even op, maar het kan zich ook tegen je keren. Het zál zich tegen je keren. Woorden hebben de eigenschap terug te kaatsen. ‘Je weet: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet’, zei mijn moeder altijd.

Dat geldt ook voor het internet in onze huidige tijd: via blogs, columns en social media kan heel kort en krachtig een statement worden gemaakt. En omdat je er vaak geen context bij krijgt, kan de fantasie met mensen aan de haal gaan. Dat kan prachtig zijn, maar de eigen interpretatie kan ook heel verkeerd uitpakken. Dat heb ik een paar keer aan den lijve ondervonden! Een misverstand is snel geboren, als jouw boodschap anders wordt opgevat dan je bedoelde.
Zo schreef ik een tijdje geleden eens een gedicht over tradities en de vergankelijkheid daarvan, en ik gebruikte een oude spijkerbroek als metafoor. Nu waren er mensen die (zo bleek uit hun reactie) dachten het gedicht gewoon over een spijkerbroek ging. Terwijl ik juist probeerde een veel groter, maatschappelijker thema aan te snijden. En zo had ik ook tijdens de Olympische Spelen eens iets gezegd over het feit dat Daphne Schippers na haar zilveren medaille-race (die volgens haar goud had moeten worden) haar schoen over de baan smeet. Ik schreef dat ik dat een beetje vreemd gedrag vond. En vervolgens kreeg ik de halve wereld over me heen. Hoe dúrfde iets te zeggen van onze Daphne! En dat is nog niet zo erg, maar dat ging gepaard met nogal wat verbaal gefoeter, waar ik best wel van schrok.
En dit zijn dan nog vrij onschuldige voorbeelden. Maar op internet zie je veel mensen die iets willen aankaarten, als reactie op het nieuws in ons land of in de wereld. En vervolgens krijgen ze een eindeloze stroom aan ‘tegenreacties’, die vaak niet zo netjes geformuleerd zijn. Het gaat niet meer over het gedrag of over de inhoud, maar over de persoon. De ‘tegenreageerders’ gebruiken (of liever gezegd: misbruiken) hun vrijheid van meningsuiting om vanuit hun luie stoel vanachter hun computer of telefoonschermpje anderen uit te schelden, zwart te maken of te kwetsen. De taal als krakende wagen, die overal tegenaan botst. En het lijkt wel of hele volksstammen zich ineens geroepen voelen om, vaak niet gehinderd door enige kennis, óveral iets van te vinden. De primaire, ondoordachte reacties vliegen je om de oren op het wereldwijde web.

Zouden die schreeuwers dat ook doen als ze recht tegenover de persoon stonden, tegen wie ze zo kwetsend zijn? Waar is de tijd gebleven, dat het gezegde ‘bezint eer gij begint’ niet alleen een tegeltje aan de wand in de keuken was, maar men er ook naar handelde?
Gedicht: ‘Van die dingen’
“Vroeger stond je bij de bakker en dan hoorde je wel eens wat,
als Truus of Piet of ’n and’re knakker iets ‘van horen zeggen’ had.
Ook op de verjaarspartijtjes, naast de kaas, de worst en chips
kreeg je vaak de gekste feitjes, roddels, nieuwtjes, trucs en tips.

Al wat je te horen kreeg: je dacht erover na voor even,
lachte heimelijk of je zweeg en ging weer verder met je leven.
En vond je ergens eens iets van,   nou, dan vertelde je dat alleen
als je gevraagd werd op de man in het gezelschap om je heen.

Maar tegenwoordig, potverdikke, schreeuwt men alles van de daken
overal klinkt het ‘ikke ikke, hoor mij, laat míjn geroep je raken!’
Dat geblaat in ’t openbaar, geblèr, gefoeter en gescheld:
het drijft ons verder uit elkaar, zaait louter haat en oogst geweld.

In meningsuiting zijn we vrij, maar wat fatsoen zou prettig zijn.
Zo moeilijk is dat niet, lijkt mij, probeer het maar: het doet geen pijn.
Wat gij niet wilt dat u geschiedt      op straat, op internet of privé,
please, doe dat ook een ander niet; hou in, hou van en wees tevree.”

Muziek: ‘Ontluistering’ (compositie: Jeroen de Valk, gedicht en zang: Nynke Geertsma, gitaar: Peter Smit)

Ontluistering
woorden, zinnen uit jouw mond
op weg naar mijn ‘luisterend’ oor
je praat, gebaart maar wat je zegt
dringt niet echt tot mij door

ik hoor wat ik wil, ik wil wat ik hoor
en plotseling is het stil
jouw blik kruist de mijne en woorden verdwijnen
tussen de regels door ik wil, ik wil
verwoorden, verzinnen , maar waar te beginnen
is dit onbezonnen of ongehoord?
ik zoek een weg naar binnen naar jouw mond vol zinnen
zonder ook maar één gesproken woord…

Het is mij een eer dat ik vandaag mag spreken en preken over de pracht en kracht van het woord, en wat dat voor mij betekent. Er is nog zoveel over te zeggen en er zijn zoveel dingen die ik niet heb genoemd, maar die daarom niet minder belangrijk zijn. Schrijven is schrappen, maar ook: wie schrijft, die blijft. En wie leest, prikkelt de geest.
Gedicht: UitgelezenAls in een kabbelende rivier
stromen de woorden naar me toe.
Ik duik erin, zwem met ze mee
en waar we heen gaan, geen idee.

Zo dobberend in ’t avondgloren
tussen zinnen, metaforen,
tussen regels over liefde
en het aardse wel en wee,

drijven langzaam mijn gedachten
af naar mysterieuze oorden
waar de stroom van schone woorden
geruisloos uitmondt in de zee.

Op een eiland vol verwondering
dool ik rond de hele nacht
waar tussen spaties, komma’s, punten
de ontknoping op mij wacht.

Maar hoe het eind ook klinkt of klopt
en hoe volmaakt het ook zal wezen:
een nieuw begin duikt steeds weer op,
zodat ik nooit ben uitgelezen.

———-

Hartelijk dank voor uw aandacht. Ik wens u veel mooie woorden, krachtige communicatie en passende stilte en bezinning als de situatie er om vraagt.

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Stadsdichter opent jubileumseizoen

Nynke Geertsma over de kracht en de pracht van het woord

De Amersfoortse stadsdichter Nynke Geertsma opent het jubileumseizoen van de Preek van de Leek. Zij doet dat op zondag 30 oktober van 16.00 tot 17.00 uur in de St. Franciscus Xaveriuskerk aan
’t Zand 31 in Amersfoort. In haar preek neemt ze de bezoekers mee in haar fascinatie voor taal en de kracht van het woord. De Preek van de Leek is vrij toegankelijk. Tijdens de dienst wordt er gecollecteerd voor het in stand houden van dit Amersfoortse initiatief, dat met Nynke haar vijfde seizoen in gaat. Na afloop is er gelegenheid om na te praten en wat te drinken

Woordtovenares
Nynke Geertsma (1970amersfoort-nu-column-kleur) is communicatieadviseur, tekstschrijver, columnist en stadsdichter van Amersfoort. Zij woont inmiddels bijna twintig jaar in de keistad en heeft, zoals ze zelf zegt, haar hart aan Amersfoort verpand. Nynke schrijft en dicht al haar hele leven. Niet verwonderlijk dat ‘de pracht en kracht van het woord’, in de ruimste betekenis, centraal staat in de zeventiende Preek van de Leek. Pracht, omdat woorden zoveel moois kunnen brengen. En kracht, omdat ze enorm veel schade aan kunnen richten. Tussen het (s)preken door draagt Nynke op 30 oktober enkele bij het thema passende gedichten voor. Begeleid door de leden van haar band Dutch Treat, Peter Smit (gitaar) en Jeroen de Valk (contrabas), zingt ze nummers van Huub van der Lubbe en Herman van Veen. Een lokale krant noemde Nynke ooit ‘de woordtovenares die met gedichten en Nederlandstalige jazz Amersfoort in woorden en muziek vat’.

Stadsgedichten
Nynkes fascinatie voor taal komt niet alleen tot uitdrukking in haar gedichten en columns, maar ook in diverse andere publicaties, zoals de historische stadswandeling ‘Taferelen in Amersfoort / prenten, proza en poëzie’, die zij vorig jaar uitgaf. Op haar initiatief sieren sinds kort vier muurgedichten, waaronder één van haarzelf, een aantal gevels in de Amersfoortse binnenstad. Begin november komt haar eerste eigen bundel uit, die ze samen met haar partner en fotograaf Remko Schotsman heeft samengesteld. De bundel bevat 52 Amersfoortse stadsgedichten en stadsgezichten.

Een eigentijdse kijk
Voor de Preek van de Leek worden meer of minder bekende Amersfoorters uitgedaagd om de kansel te beklimmen. Niet om een lezing te houden, maar om voor één keer de beproefde vorm van een kerkdienst te volgen en daar zowel met tekst als muziek een eigen invulling aan te geven. Lekenprekers verbinden belangrijke maatschappelijke of individuele thema’s met een Bijbelverhaal.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized