Preek van 17 december gaat niet door!

Tot onze grote spijt moeten we de geplande preek van zondag 17 december annuleren.
Wegens de snel verslechterende gezondheid van haar vader is Johanna van der Werff niet in staat om zich inhoudelijk goed voor te bereiden op haar preek. Wij vinden dat natuurlijk erg jammer, maar hebben uiteraard alle begrip voor haar afweging. We hopen Johanna op een ander moment op de kansel terug te zien en wensen haar voor nu veel sterkte.

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Een ode aan het leven en aan KING-pepermunt

Met het uitdelen van pepermuntjes en de uitnodiging om met elkaar in gesprek te gaan, zette Koen Jansen, alias Diggy Dex, op zondag 12 november het thema van zijn preek kracht bij: ‘wie niet deelt, vermenigvuldigt niet’.

- foto Cees Wouda (4 van 5)
In een warm verhaal schetste Nederlands meest succesvolle rapper hoe belangrijk het begrip ‘delen’ is geweest en nog steeds is bij de keuzes die hij in zijn leven maakt.

Met prachtige raptesten en muzikaal ondersteund door toetsenist Darin Guermonprez kreeg het zesde seizoen van de Amersfoortse Preek van de Leek met Diggy Dex een gedenkwaardige start.

Een kerk blijkt toch niet de ideale plek om rap ten gehore te brengen. Mocht de pracht van de teksten van Koen u zijn ontgaan, u kunt ze hier allemaal nalezen.

De tekst van zijn preek vindt u hier.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Tranen tijdens de 20e Preek van de Leek.

Er  vloeiden rijkelijk tranen bij de laatste preek van het seizoen.
Waren het de woorden van Maarten van der Heide die roerden, was het de prachtige zang van Martine Wilbrink, haar pianospel of de bijzondere combinatie? Eén ding is zeker, de lekenpreker wist, samen met Martine, ondraaglijk verdriet tastbaar te maken zonder larmoyant te worden: ernstig, rustig, met af en toe een glimlach of ruimte voor een volle lach en liedteksten die tot nadenken stemden. Het thema ‘Dood doet leven’ werd zo waardig en mooi in balans neergezet.


Voor wie nog wil nagenieten. De tekst van de preek vindt u hieronder.

Tot in november

Wij kijken terug op een mooi vijfde seizoen. Terwijl u geniet van de zomermaanden gaan wij aan de slag om u ook in het nieuwe seizoen weer te verrassen met mooie verhalen van bijzondere Amersfoorters op de kansel van de St. Franciscus Xaveriuskerk. Wij hopen u in november weer terug te zien.

Wilt u tijdig weten wie wanneer de kansel beklimt? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief. Dat kan door een mailtje te sturen naar post@ruthgorissen.nl.

Hartelijke groet,

Ruth Gorissen, Jos van Oord en Gerard van der Klis


PREEK VAN MAARTEN VAN DER HEIDE

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Dood doet Leven.

Maarten van der Heide van restaurant Rauw viert het leven in de Preek van de Leek

Drie ingrijpende sterfgevallen in een jong mensenleven. Wat doet dat met je? Het slaat je lam of  je kiest ervoor het leven tot de bodem te leven. Dat laatste deed Maarten van der Heide, eigenaar van restaurant Rauw. Lef, creativiteit en een enorme hoeveelheid energie tekenen het leven èn de preek van deze bijzondere Amersfoorter. Hij deelt zijn verhaal en zijn levensvragen op 2 april in de twintigste Preek van de Leek.

De Preek van de Leek begint om 16.00 uur in de St. Franciscus Xaveriuskerk aan ’t Zand 31 in Amersfoort en is vrij toegankelijk. Tijdens de dienst wordt er gecollecteerd voor het in stand houden van dit Amersfoortse initiatief, dat  bezig is met een vijfde seizoen. Na afloop, rond een uur of vijf, toost Maarten met de aanwezigen op het leven.

“Ik restaureer mensen”
Drie mensen die hem ieder op een eigen manier na stonden, overlijden; veel te vroeg. Het heeft een enorme impact op het leven van de puber die Maarten van der Heide toen nog was. Vanaf dat moment is ‘leven in het nu’ geen meditatieve gedachte, maar een levenswijze. ‘Alles uit het leven halen, doen wat je nú wilt doen en niet bang zijn voor wat er allemaal óóit kan gebeuren’, met die instelling stapte hij achter de tap van het Amersfoortse scholierencafé de Karseboom. Hij maakt een carrière in Human Recourses om rond zijn 35e het roer volledig om te gooien. Samen met zijn man Jan Hendrik begint hij restaurant ‘Jean et Alleman’ op de Hof. In 2016 doet hij uiteindelijk dat waar hij altijd al van droomde: hij begint een restaurant op een plek waar niemand dat verwacht en geeft het vorm op een manier die we al bijna niet meer gewend zijn: waarlijk gastheerschap met warmte en aandacht voor iedere klant in een sfeervol decor. Half grappend maar met een serieuze ondertoon zegt hij over zijn rol: “als restaurateur restaureer ik mensen. Ik laat ze weer voelen dat ze leven, dat het de moeite waard is.”

Mag ik er zijn?
Het ten volle benutten van het leven dat Maarten doet, vind zijn basis in een stellige overtuiging: het kan ook zomaar  afgelopen zijn. Iedereen wil het eeuwige leven, maar in combinatie met de zekerheid dat het ook anders kan lopen, roept die wens essentiële vragen op: “Mag ik er zijn? Doe ik er toe? En, mag ik doen wat ik fijn vind?” Deze vragen en nog veel meer om over na te denken, geeft Maarten zijn toehoorders mee in zijn preek. Een preek die niet voor niets als kapstok een verhaal uit Prediker kreeg. Een verhaal over dood, leven en genieten. Herman van Veen componeerde er prachtige liedjes over. De klassiek geschoolde sopraan en pianiste Martine Wilbrink gaf ze haar eigen signatuur en zingt ze tijdens de preek.

Een eigentijdse kijk
Voor de Preek van de Leek worden meer of minder bekende Amersfoorters uitgedaagd om de kansel te beklimmen. Niet om een lezing te houden, maar om voor één keer de beproefde vorm van een kerkdienst te volgen en daar zowel met tekst als muziek een eigen invulling aan te geven. Lekenprekers verbinden belangrijke maatschappelijke of individuele thema’s met een Bijbelverhaal.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Uit het oog maar niet uit het hart

Remco Reiding over het levend houden van herinneringen

Geroerd luisterden de bezoekers van de 19e Preek van de Leek op zondag 5 maart naar het persoonlijke verhaal van onderzoeksjournalist Remco Reiding. Wat maakte dat hij op zoek ging naar de familieleden van Sovjet soldaten die in de tweede wereldoorlog in Amersfoort waren gesneuveld? Waar raakte zijn zoektocht zijn eigen geschiedenis en waarom is het levend houden van herinneringen niet alleen voor hem, maar voor ons allemaal, zo belangrijk? Met het zingen van Freek de Jonge’s ‘Er is leven na de dood’ kreeg de preek een extra betekenis èn een vrolijk slot.

De tekst van de preek van Remco Reiding vindt u hier: Preek van de Leek Remco Reiding

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

Van de Xaveriuskerk naar de Miles

Bas Bons presenteert nieuwe cd

 

Hebt u tijdens de preek van Friederike Weisner ook zo genoten van de muziek en zang van Bas Bons?

Zijn nieuwe cd, waarop ook de nummers staan die hij tijdens de preek zong, wordt op 5 maart gepresenteerd. U bent van harte uitgenodigd om daarbij aanwezig te zijn.

De presentatie is niet zoals wij aankondigden in Rox Life aan de Windsteeg, maar in Café Miles op de Hof. U bent daar vanaf 20.15 uur welkom. De feestelijke bijeenkomst, die gratis toegankelijk is, begint om 20.30 uur.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized

PREEK VAN FRIEDERIKE WEISNER

PREEK VAN DE LEEK
OVER BEELD-DRAGERS EN GOUDEN KALVEREN,
FRIEDERIKE WEISNER,directeur Theater De Lieve Vrouw,Amersfoort
12 februari 2017
Amersfoort

KYRIE
Wij leven in een bijzondere tijd: nog nooit was de wereld zo verbonden met elkaar, nog niet eerder waren we in staat om contact met de meest uiteenlopende culturen en mensen te leggen. Nog nooit was er zoveel kennis beschikbaar en nog niet eerder was er zoveel technologie die ons verder kan helpen en nog ongekende mogelijkheden biedt.
Maar tegelijkertijd is dit een tijd waarin we ook de weg volledig kwijt zijn. Al die kennis en technologie leidt steeds minder tot goede en juiste keuzes.

Onvoorstelbaar groot leed en onmenselijkheid komen dagelijks tot ons. En het is niet alleen ver weg. Ongelijkheid, uitsluiting, desinformatie, haat – het gebeurt ook hier. Naast woorden spelen beelden daarbij een steeds belangrijkere rol, razen dag in dag uit langs ons en door ons heen.

We zijn allemaal beeld- dragers: terwijl wij opgroeien vormt zich onze kijk op de wereld, wij dragen beelden in ons, die door opvoeding, omgeving, ervaringen maar bijvoorbeeld ook de media zijn gecreëerd. In de huidige beeld- en mediacultuur zijn we bijna gedwongen snelle interpretaties te maken, beelden die langs komen voor waar aan te nemen. We werken aan een visueel imago, het imago wordt waarheid, commerciële beeldvorming verdringt andere betekenissen. We reageren bewust én vooral onbewust op alle beelden, we worden beeld-eters.

Maar kunnen we nog verteren? Kunnen we alle indrukken nog beschouwen of laten bezinken? Vragen we ons voldoende af of wat we zien waar is, naar wie we eigenlijk, kijken of worden we verblindt?

 

BIJBELTEKST
Oude Testament, Het tweede boek van Moses genaamd Exodus, hoofdstuk 32: vers 1-10 en 15-20

Het volk vereert een stier

1 De Israëlieten wachtten tot Mozes terug zou komen van de berg Sinai. Maar het duurde erg lang. Toen gingen ze naar Aäron, en zeiden: ‘Mozes is de man die ons uit Egypte weggehaald heeft. Maar we weten niet wat er met hem gebeurd is. Maak daarom een god voor ons! Dan kan die ons door de woestijn leiden.’ 2 Aäron zei: ‘Dat is goed. Geef me dan eerst alle gouden sieraden van jullie vrouwen, zonen en dochters.’ 3 Meteen deden alle Israëlieten hun gouden sieraden af en gaven die aan Aäron. 4 Aäron liet de sieraden smelten, en van het goud maakte hij een beeld van een stier. De Israëlieten riepen: ‘Dit is onze god. Hij heeft ons weggehaald uit Egypte!’ 5 Toen Aäron dat hoorde, bouwde hij een altaar voor het beeld. Hij zei: ‘Morgen is er een feest voor de Heer.’ 6 De volgende ochtend stond iedereen vroeg op. Ze brachten offers aan het beeld, en daarna gingen ze zitten eten en drinken. Het werd een vrolijk feest.

De Heer is kwaad op de Israëlieten

7 De Heer zei tegen Mozes: ‘Ga terug, de berg af. Want dat volk van jou, dat je uit Egypte gehaald hebt, gedraagt zich heel slecht. 8 Ze doen nu al niet meer wat ik gezegd heb. Ze hebben een stierenbeeld gemaakt. Ze hebben voor het beeld geknield en ze hebben er offers aan gebracht. Ze zeiden: ‘Dit is onze god. Hij heeft ons weggehaald uit Egypte!’ 9 Ik ken dit volk, Mozes! Ik weet hoe ongehoorzaam de Israëlieten zijn. 10 Ik ben woedend op hen. Ik zal hen allemaal vernietigen, het hele volk. En probeer me niet tegen te houden! Maar van jou zal ik een groot volk maken.’

15 Mozes draaide zich om en ging de berg af. Hij had de twee stenen platen met de wet in zijn handen. Er was aan twee kanten op geschreven, aan de voorkant en aan de achterkant. 16 God had de platen gemaakt, en God had er zelf op geschreven. 17 Jozua, die bij Mozes was, hoorde het lawaai van de Israëlieten. Hij zei: ‘Ik hoor geschreeuw in het kamp. Het lijkt wel of er oorlog is.’ 18 Mozes zei: ‘Het klinkt niet als juichen omdat ze gewonnen hebben. En ook niet als klagen omdat ze verloren hebben. Ze zijn hard aan het zingen, dat hoor ik.’ 19 Toen Mozes dichter bij het kamp was, zag hij het stierenbeeld. En hij zag de Israëlieten dansen. Hij werd woedend, en onder aan de berg gooide hij de stenen platen kapot. 20 Daarna verbrandde hij het stierenbeeld. De resten sloeg hij kapot, en de as strooide hij op het water. Dat water moesten de Israëlieten drinken.

PREEK
Als ik dit verhaal kies, dan denken sommigen van u wellicht aan het Gouden Kalf, de belangrijkste Nederlandse filmprijs. De relatie met dit Bijbelverhaal dringt zich op, maar dit is niet wat de bedenkers van deze filmprijs primair kozen:
Het filmfestival van Berlijn heeft als prijs een Gouden Beer, het festival van Cannes heeft een Gouden Palm, en Venetië heeft een Gouden Leeuw. Dus heeft Nederland, Utrecht in dit geval, een Gouden: … Kalf!

De filmmaker Wim Verstappen schijnt de bedenker van de naam van deze prijs te zijn, en laat hier natuurlijk een knipoog en humor aan te pas komen. Door de referentie aan het Bijbelse gouden kalf lijkt de titel dan weer waardig en past in het rijtje van de andere festivals. Het is leuk om met beelden en betekenissen te spelen. …

We vereren gouden kalveren. We aanbidden valse goden en hopen op redding.
In deze tekst uit het Oude Testament werd ik vooral door het einde getriggerd. Moses is woedend op de Israëlieten en vernietigt de platen met de teksten van God. Dan verbrandt hij het gouden stierenbeeld. Vervolgens slaat hij de resten ervan kapot en strooit de as en het stof op het water. En dit water moeten de Israëlieten drinken.

Mozes vernietigt dus zowel het woord, de regels van God, als ook het valse beeld van god, het gouden kalf. Wanneer de Israëlieten de as en het stof van het gouden beeld moeten opdrinken, nemen ze zowel hun sieraden als ook het gouden kalf in andere vorm weer tot zich.

Wat gebeurt er met het stof in hun lichamen? Ontstaat er een nieuw, innerlijk beeld? ‘Eat it’, zeggen de Amerikanen, waarmee bedoeld wordt dat je op moet lepelen wat je zelf hebt veroorzaakt.

Het zijn vaak pijnlijke momenten in ons leven waarin we ons realiseren dat wij een gouden kalf achterna zijn gelopen. Des te meer moeten wij op zoek naar het beeld achter het beeld. Dat kan bijvoorbeeld door ontmoetingen in ruimtes waar framing of imago – al is het maar voor even – onderuit wordt gehaald of geen rol speelt. In theaters, musea, filmhuizen, concertzalen, kerken en op andere plekken, waar we geraakt worden en onze maskers kunnen laten vallen.

Ik vind dit noodzakelijk in een wereld die technisch en wetenschappelijk zeer kundig is, maar door politieke, economische en andere machtsbelangen bepaald wordt. Ik vind dit noodzakelijk omdat de wereld die wij als mensen maken, toch vooral van mensen is.

Kunst is het domein waarin wij op ons mens-zijn en de wereld om ons heen kunnen reflecteren. Bijvoorbeeld door satire. Wat heb ik genoten van het filmpje van Arjan Lubach, dat wereldwijd een youtube hit werd, waarin hij Nederland aan Donald Trump voorstelt, in de woorden en met de uitspraken van Trump zelf. De satire onthult nog scherper dan directe kritiek.

De waarde van leren kijken, van anders leren kijken is de kern hiervan.

Ik herinner mij oneindig veel momenten uit mijn jeugd, waarvan ik een paar wil beschrijven.

Beeldende kunst: Overal in het huis waarin ik opgroeide hingen en stonden schilderijen en kunstwerken, onder andere van van bevriende kunstenaars van mijn ouders. Naast mijn bed in mijn kinderkamer hing een abstract schilderij, een lithografie. Wanneer ik niet kon slapen bestuurde ik langdurig dit schilderij. Als ik de gordijnen open deed, kon ik in de verte kijken en vergeleek ik wat ik buiten zag met dit schilderij. Voor mij was dit een boeiend spel.

Boeken en literatuur: Ons huis vol boeken. Behalve in de badkamer waren er zowat overal boeken aanwezig. Je hoefde er maar eentje uit de kast te trekken. En dat deden wij ook.

Muziek: mijn moeder nam me mee naar de Matthäus Passion in het Münster in Freiburg, ik was denk ik niet ouder dan zeven. We zaten hoog boven en mijn zitplaats keek helaas recht uit op een zuil. Ik kon dus nóg de zangers nóg het koor zien. Maar ik werd gegrepen door de zang en de muziek en bleef me maar afvragen wie deze klanken veroorzaakte. Mijn moeder zag in dat ik zo niet de hele avond zou halen en we vertrokken op gegeven moment stilletjes. Maar deze vroege ervaring heeft een onuitwisbare indruk achtergelaten. Wellicht juist omdat ik alleen kon luisteren en niets kon zien.

Het op jonge leeftijd in aanraking komen met verschillende kunstvormen heeft ervoor gezorgd dat kunst voor mij een aanvullende taal werd, die het mogelijk maakt door een andere bril naar de wereld te kijken.

Wat mij op dit moment sterk bezig houdt is het wantrouwen jegens mensen die anders zijn, dat in toenemende mate ontstaat en gevoed wordt.

In een klassiek Duits theaterstuk uit 1804: Familie Schroffenstein, dat ik tijdens mijn studie cultuurwetenschappen literatuurwetenschappelijk ‘tot op het bot’ moest ontleden, ligt diep wantrouwen ten grondslag aan de ultieme tragedie:

De schrijver, Heinrich von Kleist, gebruikt in dit toneelwerk het Romeo en Julia- motief. Romeo en Julia in het kort: uitzichtloze liefde door elkaar vijandig gezinde families, tragisch eindigend met de dood van de beiden geliefden.

Kleist gebruikt dit motief van deze onmogelijke liefde, maar drijft het wantrouwen tussen de twee families op de spits. De concrete aanleiding is de dood van de jongste zoon van een van de families, die verkeerd als moord geduid wordt. De familie wil wraak nemen. Maar de oudste zoon en de oudste dochter houden van elkaar. Zij willen de families verzoenen en bloedvergieten voorkomen. En dat wil ook een oom, die ontdekt heeft dat het zoontje juist tijdens het spelen is verdronken.

Er ontstaat een race om de tijd. Agnes en Otto, die elkaar in het geheim in een grot in de bergen ontmoeten, besluiten hun kleding te wisselen om Agnes voor Otto’s vader te beschermen, die op weg is om zijn zoontje te wreken. Maar beiden lopen hun eigen vaders in de armen: Otto, verkleed als Agnes, wordt door zijn eigen vader niet herkend en neergestoken. Agnes door haar eigen vader, die denkt dat de persoon die zich over zijn vermoorde ‘dochter’ buigt, de moordenaar is. Pas boven de lichamen van hun dode kinderen ontstaat er bittere verzoening tussen de vaders.

Kleist laat de vader van Agnes in dit stuk het volgende overdenken (mijn eigen vertaling):
Het wantrouwen is de zwarte zucht van de ziel.
En alles, ook hetgeen zonder schuld, wat rein is
Trekt dan voor het zieke oog het kostuum van de hel aan.
Het nietszeggende, het gewone, alledaagse,
Wordt dan behendig uit losse draden tot een beeld geknoopt,
Dat ons als een vreselijke gestalte laat schrikken.

Wat kan Kunst hiermee, behalve dit op deze prachtig indringende wijze verwoorden?
Thije Adams schreef in 2012 zijn pleidooi ‘Kunst moet, ook in tijden van cholera’.
Hij stelt hierin dat kunst de weg kan wijzen naar een andere, en mogelijk betere, wereld. Kunst kan de manier waarop de werkelijkheid kan worden waargenomen verrijken. Waarnemen is daarbij niet iets passiefs maar een activiteit, iets wat je bewust doet. Wij vormen zelf onze beelden.
Dit betekent natuurlijk ook dat waarneming geoefend en verbeterd kan worden door kunst.

Voor Adams is kunst net zo belangrijk als religie en wetenschap. Deze drie gebieden representeren drie verschillende brillen waardoor wij de werkelijkheid ontwerpen en vormen. Religie brengt onder woorden hoe het gesteld is met de mens en de wereld, en hoe wij ons in het licht daarvan dienen te gedragen. Wetenschap wil weten hoe de wereld feitelijk is en zoekt naar wetmatigheden waarmee de fenomenen in deze wereld verklaard en voorspeld kunnen worden. Kunst, tenslotte, gaat over hoe de wereld zich aan ons voordoet en hoe wij daar uitdrukking aan kunnen geven. Maar daar waar wetenschap naar één enkel antwoord op zoek gaat, zoekt kunst juist de breedte, en daar waar wetenschap naar bewijzen zoekt, is kunst op zoek naar betekenis en overtuigingskracht. Om op andere manieren naar de werkelijkheid te kijken en op deze manier de waarneming te scherpen.

Ik ben een beeld- drager. Mijn geboorteplaats, midden in Europa, landen die ik later heb bereisd, ontmoetingen, ervaringen en kunst hebben mijn beeld van de wereld gevormd. Ik voel mij rijk door verschillende ontmoetingen met verschillende en bijzondere mensen. En angst voor het vreemde heeft tot nu toe niet op kunnen komen omdat verwondering en nieuwsgierigheid de boventoon voeren.

Mensen die ik heb ontmoet, mijn ouders, docenten, kunstenaars, acteurs, regisseurs, collega’ s en vrienden, mijn familie en inmiddels ook mijn kinderen zijn mijn beeldouders, mijn cultuurouders. Ik heb de beelden en ervaringen allemaal opgegeten, tot me genomen zoals het stof uit het verhaal van het gouden kalf. En neem het overal mee naartoe.

Kunst is voor mij een aansporing tot anders waarnemen en denken.
Kunst haalt mij uit de vooringenomen werkelijkheid.
Ze is geen bevestiging van een bepaalde stand van zaken, maar juist het bevragen ervan. Ze leert ons zaken niet als vanzelfsprekend aan te nemen, maar alternatieven te overwegen.
Ze opent onverwacht ons hart, en dwingt ons anders te kijken.
Op deze manier oefent kunst ons in het omgaan met verandering, met andersheid, met het onbekende. Naar mijn idee zijn dit oefeningen die we juist in deze tijd hard nodig hebben:
Het is belangrijk dat wij geschoold worden in anders waarnemen.
Dat wij leren onze eigen innerlijke gouden kalveren te herkennen.
Het is belangrijk dat onze kinderen leren kijken en onderscheid leren maken tussen dat wat een beeld beoogt en dat wat het ís.

Dat zij met deze andere manier van waarnemen bekend raken, met het creëren van andere betekenissen vertrouwd raken en dit als een belangrijke waarde ervaren.
Het is belangrijk dat wij af en toe ons scherm oppoetsen, onze bril afzetten en op zoek gaan naar de andere betekenis achter een beeld, een gedachte of een emotie.

 

 

 

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Uncategorized